De revolutionaire kiem in “jobs, jobs, jobs”

Het raadsel Magnette

Het vrijhandelsakkoord CETA met Canada is niet zonder slag of stoot ondertekend geweest. De ‘njet’ kwam uit overwachte hoek. Onze kleine Waalse buren waren de vlek op het tapijt. De afwezige 28ste stem was deze van het symptoom van de EU, het vergeten niet-land dat alles samenhoudt, België.

Magnette heeft uiteindelijk geen politieke slag binnengehaald. Kunnen we dus zeggen dat deze zet een maat voor niets is geweest? Op objectief vlak zijn er geen directe resultaten geboekt. Uit de overwelmende reacties lijkt het erop dat dit toch meer is geweest dan een tijdelijke bekommernis voor de politieke continuïteit in Europa.

Iets in deze weigering bracht een hele repliek teweeg. Om alle onbehagen te vermijden had Magnette namelijk evengoed zijn principes even strategisch kunnen vergeten om in geveinsde onwetendheid vlug dit akkoord te ondertekenen. Wie zou daar werkelijk van hebben opgekeken? De reacties in de media en van de oppositie poogden hoofdzakelijk de intentie van deze weigering te vatten. ‘Dit is een steek naar Vlaanderen toe.’ ‘Het is omdat de pvda-ptb in de peilingen de PS dreigt in te halen.’ ‘Magnette wil even de grote man spelen.’ Maar wat als dit niet hiertoe te reduceren valt?

Blijkbaar zit er iets moeilijk in deze intentie. Het kan toch niet dat Magnette dit niet vanuit eigenbelang doet? Het kan toch niet dat Magnette het zichzelf zomaar moeilijk maakt zonder hier directe winst mee te beogen? Waarom heeft hij dit nu niet gewoon ondertekend zoals alle andere sociaal-democratische partijen? Er zit iets in deze intentie zelf dat een gevaar vormt voor het dominante liberale kader (‘je mag zeggen dat je links bent, maar hou het bij woorden en schijn, in je acties ben je liberaal’). Net hierin zit het potentieel bedreigende effect van een politieke opening. Hierdoor is dit geen maat voor niets geweest. Dit wat ‘meer in Magnette zit dan Magnette’ toont ons dat het onmogelijke (een andere politiek dan het liberalisme) mogelijk is. Waarom handelen we eigenlijk vanuit een liberale drijfveer? De kans dat het TTIP akkoord nog geratificeerd zou worden daalde zienderogen.

Elio di Rupo verslikte zich in zijn glas toen Günther Oettinger Wallonië vanuit diens actie als een ‘microregio’ bestempelde ‘die geleid wordt door communisten die heel Europa blokkeren’. Elio di Rupo reageert woest dat zijn regio democratisch is. Op vele plaatsen ging het debat inderdaad over het al dan niet democratische karakter van deze actie. De heersende vraag was: Kan Europa beslissingen nemen zonder unaniem akkoord van de lidstaten? Is de actie van Wallonië een teken van democratie of net niet?

In een debat op France Culture waren de posities hierover de volgende. Een linkse vrouw zegt dat Wallonië hier democratisch over beslist heeft en dat dit dus juist is. Een ex-eurocommisaris/vrije marktverdediger bepleit dat dit een Europese akkoord is en dat een veto door één land moet worden genegeerd om een correcte Europese besluitvorming mogelijk te maken. Deze man maakte de volgende terechte opmerkingen. De afschaffing van abortus in Polen moet toch ook door Europa worden tegengegaan? We moeten de vluchtelingenquota toch ook kunnen opleggen aan Hongarije? Zijn standpunt was dat Europese beslissingen dus niet per se democratisch moeten worden geratificeerd. We kunnen toch niet enkel democratisch zijn als het volk links stemt? Wat als de verkiezingen in Frankrijk op Le Pen uitkomen? Is dit dan juist?

Is democratie dan een streefdoel of een middel? Verbergt het debat over democratie niet volledig de onderliggende conflicten? Het werkelijk conflict lijkt op een ander niveau te spelen: willen we een liberaal kapitalistische politiek die alle publieke rijkdom en vormgeving privatiseert of een nieuwe emancipatorische politiek die collectieve noodzakelijkheden weet te garanderen?

De vraag is nochtans of de rechtse Günther Oettinger dan wel degelijk verwees naar een niet-democratische praktijk of een gefaald beleid (stalinisme, maoisme,…) waarop Elio di Rupo antwoordt. Het enige wat Oettinger ‘communistisch’ noemt, lijkt de als gevaar aangevoelde drijfveer in Magnette’s actie te zijn. Deze brandstof is misschien wel een veel grotere bedreiging voor de huidige politieke orde dan een specifiek beleid. Draagt deze actie een gevaar in zich van een nieuw daadkrachtig links? Ik denk het wel. En maar goed ook. Laten we dan meer Magnette zijn dan Magnette.

“Jobs, jobs, jobs”

De officiële regeringsideologie luidt dat we de economie moeten stimuleren om jobs te kunnen creëren. Waarom? Wel, iedereen moet werken zodat niemand zomaar profiteert van onze sociale zekerheid, want dat zou de staatsschuld groter maken. Toch wringt hier het schoentje, is het de bedoeling om tot een volledige tewerkstelling te komen of om de winstmarge in de privésector te vergroten?

Op 14 september 2016, tijdens de regeringsonderhandelingen omtrent de begroting was er een klein onopvallend artikeltje te vinden op demorgen.be getiteld ‘Denemarken bereikt volle werkgelegenheid’:

“Denemarken heeft een niveau van volle werkgelegenheid bereikt en moet maatregelen nemen om een tekort aan arbeiders te vermijden, anders dreigt de economische groei een knauw te krijgen. Dat meldt de Deense Nationale Bank vandaag.”We zitten op volle capaciteit. Er is zo goed als geen reserve aan inzetbare werklozen”, klinkt het bij de Nationale Bank in een trimestrieel economisch rapport. “Er zijn al tekenen van spanning op de arbeidsmarkt. Zo is er al sprake van een tekort aan arbeiders in de industrie- en bouwsector.” De werkloosheidsgraad bedraagt 4,2% sinds mei, en het is volgens de bank moeilijk om nog lager te gaan, rekening houdend met de kortdurige werkloosheid. De bank ziet vier mogelijkheden om een tekort aan arbeiders te vermijden: oudere arbeiders de mogelijkheid geven om hun pensioen uit te stellen, studenten de kans geven om vroeger in het arbeidsleven te stappen, gehandicapten en immigranten.”

Twee zaken vallen hierin op. Enerzijds lijkt een volledige tewerkstelling nefast te zijn voor de vrije markt. Anderzijds lijken de maatregelen van regering Michel wel sterk in de lijn te liggen van de maatregelen die de Deense nationale bank vraagt om het ‘reserve aan inzetbare werklozen’, oftewel de werkloosheidsgraad, te doen stijgen.

Hoe kunnen we dit verklaren? Op het moment dat de werkloosheidsgraad hoog is, zijn er veel potentiële werknemers en kan de werkgever zelfs door lage lonen aan te bieden een onaantrekkelijke job ingevuld krijgen. Eveneens zal de werkgever gemakkelijk kunnen dreigen met ontslag als de werknemer niet aan zijn hoge eisen voldoet. Er staan immers genoeg kandidaten klaar.

Meer specifiek draait ‘winst’ om de vrucht uit arbeid, oftewel het verschil tussen de basiskosten, zoals o.a. het loon, en de gecreëerde opbrengst. De werknemer wordt ingehuurd om deze ‘vrucht uit arbeid’ te produceren. Wat Karl Marx de ‘meerwaarde’ noemt, is het verschil tussen deze winst die je maakt door je werk en het loon dat je hiervoor krijgt. Indien winstbejag het doel is, is het noodzakelijk om de meerwaarde voor de werkgever te maximaliseren. Zo zal je loon steeds geminimaliseerd worden en de intensiteit van je werk gemaximaliseerd. Hoewel we voor de wet vrij en gelijk zijn, is dit de bron van uitbuiting en sociaal-economische ongelijkheid.

Wanneer de werkloosheidsgraad minimaal wordt, keren de zaken echter om. Dan is de werkgever de vragende partij en zal hij zijn noodzakelijke post niet ingevuld krijgen zonder met zijn werkcondities en aangeboden salaris te concurreren met andere werkgevers. De omgekeerde logica dus. Concurrentie op zijn kop. Indien het aantal werkplaatsen gelijk is aan het aantal inzetbare werklozen, zoals bijna het geval is in Denemarken, zou het aangeboden salaris meer gelijk worden aan de volledige meerwaarde uit arbeid, om nog werknemers te kunnen aantrekken. Dit is de reden waarom het kapitalisme enkel kan werken door een structurele werkloosheid.

Met een volledige tewerkstelling zakt de kapitalistische boel als een pudding in elkaar. Volledige tewerkstelling is dus één van de onmogelijkheden van het kapitalisme. Werkloosheid is constitutief en structureel noodzakelijk. Een voldoende werkloosheidsuitkering is contraproductief voor de meerwaarde. Is het dan het doel van regering Michel om tot een volledige tewerkstelling te komen?

De ideologische motor van regering Michel

Onder het motto ‘jobs, jobs, jobs’ is de richting van regering Michel viervoudig: niet werken onleefbaar maken (werkloosheidsuittkering beperken in tijd en bedrag, electriciteitsprijzen doen stijgen, btw naar omhoog, etc.), het aantal ‘werklozen’ doen stijgen (pensioenleeftijd verhogen, studentenwerk aanmoedigen, chronisch zieken ‘activeren’, psychotherapie reduceren tot kortdurende burn-out-gedragstherapieën gericht op het snel hervatten van het werk, etc.), de loonkost verlagen (loonlast verlagen, indexsprong), en de intensiteit van het werk verhogen door de barrières tegen uitbuiting af te breken (flexi-jobs, interimjobs, tijdelijke contracten, vakbondsinvloed beperken, ontslagen vergemakkelijken, ‘flexibilisering’ van de 38 uren werkweek*).

Deze maatregelen vergroten dus onder andere het reserve aan werklozen. Waarom? Deze maatregelen hebben allemaal een directe invloed op de meerwaarde uit arbeid. Als we deze lijn blijven volgen, komen we tot een deel van de samenleving dat noodzakelijkerwijs wordt uitgesloten en met een povere werkloosheidsuitkering een structureel onmogelijke imperatief tot werken te verteren krijgen. Alsook een ander deel dat werkt in condities en aan een loon dat afhangt van de goodwill van zij die de vruchten ervan plukken, bedreigd met de constante mogelijkheid om gemakkelijk vervangen te worden.

“Ik ga er ook van uit dat de werkgevers slim genoeg zijn om ervoor te zorgen dat deze inspanning die wij doen en die de mensen doen met de indexsprong om te zeggen: ja, we hebben nu een sterkere concurrentiepositie, we gaan dat omzetten in werkgelegenheid”, aldus nog Peeters. “Dat is geen verplichting, maar ik vind dat ze dit aanbod, deze beslissing maximaal positief moeten omzetten in werkgelegenheid en stages enzovoort.” (deredactie.be, 12/10/2014)

Het primaat van de regeringsdoelstellingen is dus het vergroten van het gemak om privéwinst te accumuleren, de tewerkstelling op zich wordt niet serieus genomen. De meest voor de hand liggende mogelijkheid om dit te verklaren is dat, als een volledige tewerkstelling het werkelijke doel is, Kris Peeters een incapabele politicus is. Toch lijkt het erop dat er meer aan de hand is. Waarom wordt hij door de oppositie dan niet constant gewezen op zijn vergissing? Het motto ‘jobs, jobs, jobs’ lijkt eerder zuiver ideologisch van aard. Er zit een afstand tussen wat Kris Peeters hier zegt (tewerkstelling voor alles) en wat de regering doet (privéwinst faciliteren, zelfs ten koste van tewerkstelling). Toch zorgt dit er niet voor dat mensen er niet in geloven, en wel integendeel. Deze afstand zelf is constitutief voor het geloof erin. Dit is de manier waarop ideologie werkt.

Er zijn verschillende reacties hierop mogelijk. Een eerste is de groen-spa-pvda reactie: “Waar zit het sociale gelaat van de regering? En al diegenen die er de dupe van zijn? En waar betalen de rijken?” Hoewel deze reactie correct is, is ze steriel, het antwoord hierop is simpel; “we stimuleren de economie, creëren jobs en dus welvaart voor iedereen.” Niemand kan hierop terug, het valt binnen hun ideologie. Het wetsvoorstel binnen deze reactie is de populaire vermogensbelasting. De pogingen om de oppositie te laten zwijgen, door een afgezwakte versie hiervan voor te stellen, spreken boekdelen. Een andere reactie is het duwen op het symptomatische punt zélf en te wijzen op de problematische afstand tussen hun eigen motto dat het idee van een volledige tewerkstelling in zich draagt en de onmogelijkheid om dit te realiseren. Ze geven feitelijk zelf de ware mogelijkheid van verzet. Misschien moeten we ‘jobs, jobs, jobs’ serieus nemen en voor volledige tewerkstelling gaan om het momentum Magnette door te trekken met exact de tegenovergestelde maatregelen dan deze om de werkloosheid te verhogen.

30 uren werkweek? 

Als we allemaal minder werken, zijn er meer op te vullen plaatsen over. Laten we de werkweek verkorten tot iedereen kan werken. Zo kunnen we de redenering van hierboven omdraaien: evenveel inzetbare werklozen als jobs, salarissen zullen stijgen met als limiet de volledige meerwaarde, de onderhandelingspositie van de werknemers zal veel steviger zijn om werkcondities te eisen, structurele werkloosheid wordt onmogelijk en de winst vloeit terug naar het volk.

Anti-elitair elitarisme

Is dit economisch niet onhaalbaar? Misschien wel. Maar is dit de juiste vraag? Vragen als deze versluieren de onderliggende belangen. Zoals hierboven beschreven, verbergen zulke obscuriteiten (evenals efficiëntie, flexibilisering,…) enkel maatregelen die de snelheid verhogen waarmee collectieve rijkdom naar privéhanden doorschuift en de uitbuiting vergemakkelijkt. Laten we deze vraag naar ‘economische haalbaarheid’ voor wat ze is. Laten we focussen op de werkelijke sociale miserie.

De opkomst van nationalistisch populisme in Europa en Amerika is een ander voorbeeld van versluiering. Deze rechtse politiek plaatst de oorzaak van hun eigen interne impasses in de usual suspects: de indringer/slachtoffer/afval (werklozen, armen, economische immigranten, Walen, … i.d.z.v. ‘als ze niets toevoegen, mogen ze van mij even goed verdwijnen’, ‘ze pakken ons geld, sociale zekerheid, jobs, … af’). Is het geen enorme paradox dat Trump’s overwinning een ‘zware steek naar de elite toe is vanuit het gewone volk’ terwijl Trump net het gezicht is van de hedendaagse oligarchie en belastingontduiking? Trump’s politiek valt op in het feit dat hij in alles breekt met de hedendaagse politiek die we in Europa gewoon zijn, met uitzondering van het -net daardoor opvallende- economische luik.

Is het verschil niet verdacht klein wanneer je hieronder “Trump” met “CD&V” of “open-VLD” vervangt:

“Trump  wil de belastingen verlagen en de fiscaliteit vereenvoudigen. De hoogste schijf gaat van 40 naar 33 procent. De belasting over bedrijfswinsten gaat omlaag en de erfbelasting wordt afgeschaft. Kort samengevat: de rijken mogen zich verwachten aan een reeks belastingverlagingen. Trump rekent erop dat de rijken dan hun geld zullen investeren in de economie en banen zullen creëren – de ‘trickle-down economics’.” (‘Wat wil president Trump eigenlijk?, demorgen.be, 09/11/2016)

De kiem voor nieuw links

Hedendaags liberaal links is zelf mede verantwoordelijk voor de verschuiving naar deze populistisch nationalistische politiek. Het afwezig blijven van een werkelijk politiek antwoord op de jarenlange sociale afbouw brengt ons blijkbaar tot perverse identitaire schijnoplossingen. De overwinning van Trump is geen direct gevaar voor het groot kapitaal. De gezakte beurscijfers bij zijn overwinning waren al snel weer ingehaald. Zijn economische luik is namelijk ultraliberaal.

Toch is ook hier een kiem te vinden: Er is namelijk een politiek enthousiasme aangewakkerd bij de economische onderlaag. Een hele massa die anders afwezig is in het politieke veld werd aangesproken, maar hun situatie zal er niet op verbeteren, en wel integendeel.

De Sloveense filosoof Slavoj Zizek stelt dat we de afwezigheid van eender welk hedendaags politiek alternatief op het kapitalisme, evenals de afwezigheid van elke verbeelding daarbij, kunnen verhelpen, door te beginnen bij bescheiden politieke eisen die binnen het kapitalisme onmogelijk zijn. Deze mogelijke eisen zijn, zo stelt hij, zijn in elk lokaal beleid anders en moeten worden gezocht in wat er leeft. Wanneer ‘dit onmogelijke mogelijk wordt’, creëert dit enthousiasme politieke en subjectieve openingen die de bal aan het rollen brengt. De bescheiden eis van de 30 uren werkweek om structurele werkloosheid uit te sluiten, is een perfect voorbeeld van wat er leeft in België. Een eis die binnen het huidige politieke kader onmogelijk is en dus noodzakelijkerwijs op deze onmogelijkheid botst.

Het liberalisme is dood en rechts populisme is een valse belofte. Nu is het aan ons. Nu heeft een nieuw, authentiek Links de mogelijkheid om te leven als nooit tevoren. We moeten echter onze koudwatervrees overwinnen. Laten we redelijk zijn en het onmogelijke eisen: Jobs, jobs jobs!

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *