Michel I, de kroniek van een aangekondigde dood. Een terugblik.

De Belgische sociaaldemocratie heeft met deze regering de raakste klappen ooit gekregen. Hoe hebben ze dat klaargespeeld? Zonder de aanslepende interne contradictie bij de N-VA zou dit nooit mogelijk zijn geweest, al werd het tegelijkertijd hun ondergang op het moment dat de contradictie het sterkst bovenkwam. De N-VA heeft het ondernemersprogramma bij uitstek, en profileert zich tegelijkertijd, en vooral, als partij van het volk. Dat zou ons moeten verrassen. Hoe kan dit? Zowel de oppositie als het volk dat op N-VA stemde, hing bijna enkel aan Franckens lippen, zij het voor of tegen. De oppositie hield zich bezig N-VA’s impliciete identitarisme, racisme of separatisme ‘in te tomen’, uit schrik dat het tot daden zou komen.

Anderzijds kwam net dit perfect uit voor de N-VA. Want ook hun aura werkt maar voor zover ze hun nationalisme/racisme niet al te serieus nemen. Als België werkelijk splitst of migratie wordt gestopt, zou hun rechtse volkse achterban meer van dit willen. En dat is niet waar N-VA op doelt. ‘Het niet kunnen doen’, maakt geheel deel uit van hun onfeilbaarheid. Al het gekibbel en gecrisis errond was niet gewoon de zwakte van de regering, maar sleepte haar net vooruit. Waarom duwde de oppositie dan niet eerder op het verschil tussen de woorden en de daden van Francken? Waarschijnlijk uit schrik dat dit geïnterpreteerd zou worden alsof ze achter de woorden zouden staan. De enige die dit wel deed – en die blijkbaar de enige levensgevaarlijke oppositie uitmaakte – was natuurlijk Vlaams Belang.

De verschillen tussen Francken’s beleid en het migratiebeleid in omliggende landen, waren namelijk niet bijzonder. De aandacht binnen de regering die naar Francken ging, stond ver weg van de werkelijke veranderingen die de regering teweegbracht. Ondertussen werd de neoliberale politiek, met spookminister Johan van Overtveldt, quasi vergeten. Zo sloeg hij er bijvoorbeeld in een regeling voor belastingen voor multinationals op Europees vlak eigenhandig tegen te houden. ‘Laat ze maar doen, als we ze kwaadmaken splitsen ze het land nog’, ‘als ze maar menselijk zijn.’ De kern van de NV-A is hun ondernemerspolitiek. Voka is mijn echte baas, als Voka niet tevreden is, ben ik niet tevreden’, wist Bart De Wever ooit te vertellen.

En toch, deze contradictie moest vroeg of laat bovenkomen. Deze regering was de kroniek van een uitgestelde dood. Want als het slechts bij woorden blijft, verliest een politiek van ‘inhouding’ op een bepaald moment zijn consistentie bij de (extreem-)rechtse volkse achterban. Zou de NV-A misschien toch slechts een partij voor de rijken zijn? En dat op het moment dat sociale onzekerheid plots open en bloot als een geel hesje op de straten verschijnt. De NV-A kon geen weg meer uit en verslikte zich in een gebaar dat de gehele contradictie nog eens perfect herhaalde. Ze lieten de federale regering vallen voor een niet-bindend migratiepact omdat het migratie zou doen toenemen. Tegelijkertijd stemmen ze op Vlaams niveau een regeling om arbeidsmigratie van buiten de EU te vergemakkelijken, op vraag van VOKA natuurlijk.

Geef een reactie

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *