Waarom echte Vlamingen echte Belgen zijn

Critici wijzen vaak op de lege aard van de Vlaamse identiteit. Vlaming zijn? Wat betekent dat dan? Iedereen heeft toch zijn eigen invulling? Maar eigenlijk kunnen we dan ook net hetzelfde zeggen over België. In dat opzicht is het ene niet meer waard dan het andere. Maar als België toch zo leeg is, vanwaar dan de Vlaams-nationale haat tegenover al wat Belgisch is? Waar willen ze dan toch zo graag van af? De Vlaamse strijd vocht zich onder het juk van de Franstalige bourgeoisie uit (we zouden bijna vergeten dat deze Franstalige bourgeoisie ook gewoonweg Vlamingen waren). Maar wat rest er nog Franstalig aan bourgeoisie buiten het woord zelf?

Vandaag nestelen de partijen met een Vlaamse “V” in hun naam zich net met de minste schroom in de schoot van de heersende economische klassen. Hoe is het mikpunt van hun verzet dan stilzwijgend van kant veranderd?

Als ze wat gemeen hebben, is het wel hun gedeelde afkeer van vakbonden, stakingen, sociale woningen, collectief arbeidsoverleg, sociale zekerheid en zo verder. Niet moeilijk dat Bart De Wever’s onderhandelingsnota de afbraak van de ziekenfondsen viseert. In de eerste plaats bieden deze organisaties en structuren stuk voor stuk weerstand tegen de neerwaartse spiraal van het mondiale kapitalisme. Is het probleem dan dat enkel de Franstaligen hiervan profiteren, zoals ze ons zo graag doen geloven?

“In 1995 pleitte toenmalig senator Wim Verreycken ervoor het stakingsrecht aan banden te leggen. Spontane stakingen, algemene stakingen, stakingspiketten en bedrijfsbezettingen moesten verboden worden. Voormalig VB voorzitter Karel Dillen noemde staken zelfs een misdaad.” bron: vonk.org

Wat deze ontransparante chaos van instellingen tot een eenheid brengt is België. Als België iets wil zeggen in de ogen van diens vijanden, is het dit. Peter Sloterdijk noemt dit “objectieve sociaaldemocratie”. In tegenstelling tot vlaggengezwaai en partijkaarten (subjectieve sociaaldemocratie) is objectieve sociaaldemocratie de “objectieve” weerstand tegen kapitaal door een gestructureerde politiek-economische ‘orde in de chaos’ die tot diep in de definitie van de Belgische staat zit ingebakken. We zouden dit België binnen België kunnen noemen.

Het is een heel karwei om dit bolwerk te ontmantelen. Maar als de “V”-partijen de macht van de Belgische regering kunnen grijpen om dit België binnen België zelf onderuit te halen, doen ze dit blijkbaar toch nog liever dan de Vlaamse onafhankelijkheid uit te roepen. Alleszins tot op het moment waarop bleek dat kiezers net dit België binnen België niet wilden kwijtspelen. Hoe vallen de laatste Belgische verkiezingsresultaten anders te lezen? En hoe kan je deze lastige waarheid beter wegmoffelen dan door het compleet omgekeerd te interpreteren: “de kiezer wil Vlaanderen onafhankelijk.”

De bron en de energie van de Vlaamse strijd ontsproot uit de weerstand tegen de Vlaamse bourgeoisie die zich met hun eigen Franse taal volledig afscheidde van het Vlaamstalige “gepeupel”. Is het probleem dan het taalverschil of de uitbuiting die ze ermee bewerkstelligde? Wie voor de “V”-partijen langs alle kanten komt binnendringen en de Vlaamse identiteit bedreigt, is niet simpelweg de buitenlandse spelbreker of de Waalse arbeider (die veel minder gemeen heeft met de bourgeoisie dan deze partijkopstukken zelf). Neen, voor deze partijen is het verzet tegen politiek-economische uitbuiting die zo eigen is aan de Vlaamse strijd net de vreemde indringer die ze koste wat het wil buiten de Vlaamse identiteit proberen te krijgen.

Is heel de discussie over de verschillende inhouden van de Vlaamse canon niet een manier om het hier niet over te hebben? Niet moeilijk dat de Vlaamse identiteit nu zonder deze “richtingaanwijzer” zo leeg overkomt en “bedreigd” wordt. De “V”-partijen vertegenwoordigen nu zelf de Vlaamse bourgeoisie waartegen de Vlaamse strijd zich zo verzette. Hoe meer deze vreemde wortel in de Vlaamse identiteit ontkend wordt, hoe meer het over de taalgrens heen komt opduiken en er overal linkse complotten op te merken vallen. Wat als deze indringer de schepper is van de Vlaamse identiteit en in principe beter wordt belichaamd door de opbouw van de Belgische “objectieve sociaaldemocratie” dan door de Guldensporenslag?  Is de weerstand tegen politiek-economische uitbuiting niet authentiek aan de Vlaamse identiteit en misschien het enige wat er in België echt te redden valt?

Geef een reactie

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *